Ik ben geboren en getogen in het Brabantse Veghel, een plek waar ik nog altijd graag kom (zeker tijdens carnaval). In de grote Lambertuskerk, waar ik als kind wekelijks kwam, droomde ik aanvankelijk van een leven als pastoor. Mijn carrière begon iets verderop, in de bloemenwinkel midden in het dorp: de plek waar alle grote gebeurtenissen voorbijkomen. Liefde, dood en ruzie – ze vragen allemaal om bloemen. 

Omdat ik wilde weten hoe mensen in elkaar zitten, ging ik geneeskunde studeren in Nijmegen. De studie bleek taai, en voldeed niet echt aan mijn hooggespannen verwachtingen. In het derde jaar besloot de studie filosofie erbij te gaan doen, en ik was direct verkocht: dit wilde ik! Beide studies heb ik afgerond, en ik liep stages in Tel Aviv (afdeling gynaecologie & verloskunde) en bij Filosofie Magazine. Daar ontmoette ik een aantal mensen die van beslissende invloed op mijn leven en mijn werk waren.

Met René Gude en Erno Eskens vormde ik lange tijd een hecht team. Samen begonnen we talloze nieuwe initiatieven, waaronder de Nacht en de G8 van de Filosofie en stand-up philosophy. Deze journalistieke doorvertaling van de grootste denkers en hun belangrijkste ideeën vormt de basis van de publieksfilosofie, die vrijwel nergens zo succesvol is als in Nederland. 
Voor mij is filosofie veel meer dan een academische discipline. Het is mijn ambitie om het publieke denken te stimuleren, oftewel ‘der öffentliche Gebrauch der Vernunft’ zoals Immanuel Kant noemt: hardop denken, interactief en met het oog op onze gezamenlijkheid. In de traditie van Michael Sandel wil ik mensen uitdagen zelf te denken; dat is waar een democratie om vraagt.

Veghel is inmiddels verruild voor Amsterdam, waar ik woon met mijn man en twee zoons, de bloemen zijn vervangen door ideeën, en de kerk heeft plaatsgemaakt voor de filosofie. En nog altijd wil ik weten hoe mensen in elkaar zitten.